Historie Het complex De 1800 Roeden was de munitieopslagplaats als onderdeel van de Stelling van Amsterdam. Rond 1900 gebouwd aan de Haarlemmerweg. Deze stelling lag weliswaar in een ring op ruime afstand van de stad, maar ook in het gebied daarbinnen waren ondersteunende voorzieningen aanwezig. De plaatselijk gehanteerde naam Het Kruithuis herinnert nog aan deze functie. Na de Tweede Wereldoorlog kreeg het complex de functie van opslagplaats voor de Artillerie Inrichtingen. In 1994 verviel de militaire functie en werd het terrein in gebruik gegeven aan onder meer kunstenaars en theatergroepen, die daar hun spullen opsloegen. Na verkoop van het complex door Domeinen aan de huidige eigenaren in 1996 zijn de hallen verbouwd en geschikt gemaakt als studio, atelier en werkplaats. Twee hallen hebben een besloten horeca functie.
Voor meer informatie over de Stelling van Amsterdam: www.stelling-amsterdam.org > Oorlog (Kruithuis bij Halfweg / Sectorpark Sloten)
Hal A, een bakstenen gebouw met een houten kapconstructie gelegen langs de Haarlemmerweg, werd als eerste gebouwd als munitieopslagplaats. In 1998 werd Hal A als onderdeel van De Stelling van Amsterdam op de Unesco-lijst van Werelderfgoed en de Rijksmonumentenlijst geplaatst. In 1998 brandde een deel van de houten kap door onbekende oorzaak af. In de dakpannen van deze noordelijke loods staat de tekst '1800 roeden '. Vanuit de trein en de auto op de Haarlemmerweg is dit te zien.
In later jaren werden vier andere hallen bijgebouwd in dezelfde stijl maar – met uitzondering van Hal E – uitgevoerd met een stalen/betonnen dakconstructie. Ook werden er twee gemetselde-stalen nissenhutten neergezet. Een woonhuis maakte ook deel uit van het complex maar werd in de tachtiger jaren gesloopt.
De naam 1800 Roeden is gebaseerd op de afstand tot de Haarlemmerpoort, tot
1870 de westelijke begrenzing van Amsterdam. Vanaf deze poort liep sinds 1632 de trekvaart naar Haarlem, met daarlangs een jaagpad. In 1767 werd dit zandpad van bestrating voorzien, dit werd de tegenwoordige Haarlemmerweg. Bouwwerken langs deze weg kregen een aanduiding met de afstand buiten de stad. Een Amsterdamse Roe kwam overeen met 3,767 meter. De 1800 Roeden bevindt zich dus 6.780 meter, ofwel bijna zeven kilometer ten westen van de Haarlemmerpoort.
Meer over de 1800 roeden Op een karakteristieke locatie aan de westrand van Amsterdam, gelegen in de
hoofdgroenstructuur, ligt het terrein De 1800 Roeden – werkterrein voor kunst en ambacht.
Het complex omvat een terrein met een oppervlakte van bijna twee hectare met een zestal bakstenen gebouwen (Hal A t/m F), een zevental atlierboxen en twee romneyloodsen.
Ong. 1900: De oudste hal, Hal A gelegen langs de Haarlemmerweg wordt gebouwd als onderdeel van de Stelling van Amsterdam en heeft de status van rijksmonument.
1940: De andere hallen worden gebouwd.
1997: Het complex wordt verkocht door Domeinen en sindsdien hebben de nieuwe eigenaren
De 1800 Roeden tot een inspirerende en levendige werkomgeving ontwikkeld.
2004: Start met de verbouw van Hal B; van opslaghal tot 21 ateliers.
2005: Hal B wordt verhuurd aan een diversiteit aan kunstenaars en andere creatieve bedrijven in de zakelijke en/of dienstverlenende sector.
De buitenruimte heeft moestuinen en een amfitheater.
Ecologisch heeft het terrein een grotere diversiteit aan planten en dieren.
Gebouwen:
Na het gereedkomen van de verbouw van Hal B bevinden zich op het terrein veertig werkruimtes variërend van 15 tot 360 m2. De helft van deze ruimtes wordt door Stichting De 1800 Roeden verhuurd aan culturele ondernemers/kunstenaars ondersteund met subsidie van Stichting Broedplaatsen Amsterdam.
De culturele bestemming die op het terrein rust, leverde onder meer ontwerpbureaus, ontwikkelaar van verlichtingsarmaturen, beeldend kunstenaars, geluidskunstenaars, meubelmakers, (restauratie)-aannemers en een bijzondere horecagelegenheid en een galerie op.
Groenplan Terrein de 1800 Roeden Bijlage bij het inrichtingsplan voor het terrein van:
De 1800 Roeden
Haarlemmerweg 711 ofwel Joris van de Berghweg 101-111 te Amsterdam.
Door: Marleen van Tilburg, Rapunzel Tuinen
El. Wolffstraat 72-3hg, 1053 TW Amsterdam
i.s.m. Hans Pijls
Bisseltsebaan 54, 6585 KT Mook
i.o.v. Stichting De 1800 Roeden
Jan van Muiden, Henk Willem Spruit & Wijnanda Willemse
Belangrijkste doelen met betrekking tot het inrichtingsplan van de buitenruimte:
* Het terrein De 1800 Roeden een uitstraling geven die past in het streven een broedplaats te zijn voor kunst en cultuur.
De eigenaren van het terrein, hebben van meet af aan de behoefte gehad om met De 1800 Roeden een plek te bieden aan kunstenaars en kleinschalige bedrijfjes die bijzondere producten creëren. De 1800 Roeden moet vooral een broedplaats zijn in de letterlijke betekenis van het woord: uitbroeden van ideeën en dromen
Het terrein van De 1800 Roeden biedt ruimte aan veelzijdige activiteiten. Publiek wordt uitgenodigd actief te ervaren en te genieten van dat wat de ‘kunstenaars’ in de meest brede zin van het woord maken.
Het terrein en al wat er gebeurt, heeft een aantrekkingskracht op mensen die zich verbonden voelen met kunst en cultuur, een publiek dat als gast maar eventueel ook als deelnemer bijdraagt aan de doelstelling van de 1800 Roeden.
* Het creëren van een parkachtig landschap met aantrekkelijke diversiteit aan groen.
Naast het hierboven omschreven dynamische doel, heeft het ontwerp ook nog ten doel dat bezoekers en gebruikers van het terrein, simpelweg kunnen genieten van de landschappelijke sfeer die op het terrein bestaat.
Door toepassen van een diversiteit aan beplanting, in combinatie met natuurlijke materialen, ontstaat een gebied dat een aangename rust uitstraalt.
Tegelijkertijd heeft het ontwerp ten doel door bewust geplaatste (groene) elementen, aan de beleving een aangename spanning toe te voegen.
Mensen zullen worden verleid een wandeling te maken naar de verschillende gebieden van het terrein. De verschillende gebieden nodigen uit om het terrein op diverse manieren te beleven.
Een verblijf of een bezoek aan het terrein van de 1800 Roeden is spannend en rustgevend tegelijkertijd, maar verveelt nooit!
*De tegenstelling tussen het bebouwde gedeelte en het open gedeelte van het terrein opheffen.
Het terrein zoals het in zijn huidige vorm bestaat, is extreem in te delen in 2 helften.
Het eerste gedeelte is het resultaat van de opstelling van de bestaande gebouwen. Hierdoor is een sterke driehoekige vorm ontstaan. Het tweede gedeelte is een groot ‘ open’ grasveld. In de loop der jaren zijn hier populieren gaan groeien. Door de willekeurige plaatsing van de populieren, (daar waar ze toevallig zijn gaan groeien) werpen ze vrij veel schaduw op diverse (ook willekeurige) plekken van het terrein.
Meer samenhang tussen de 2 tegengestelde gebieden, bouw en buiten.
Belangrijk uitgangspunt hierbij is de infrastructuur; parkeerplaats en de verkeersroute vormen een groot deel van het geraamte van het plan. De verharding speelt een belangrijke rol in de totale vormgeving.
Er is bij het bepalen van de route en van de parkeerplek, rekening gehouden met de toekomstige nieuwbouw aan de noordgrens van het terrein.
Het hele terrein, zowel het bebouwde als onbebouwde deel, is omzoomd door een populierenrand. Doordat deze rand heel smal en sterk opgaand is, wordt het open terrein ervaren als een kamer met steile groene wanden; het schoenendoos gevoel.
Door meer variatie in de gelaagdheid aan te brengen, een geleidelijke overgang van lage naar hoge begroeiing (kruidlaag, struiklaag en boomlaag) en door de rand op verschillende plaatsen te verbreden of transparant te maken, wordt het opgesloten gevoel verminderd, zonder het veilige gevoel van omringend groen te verliezen.
Het terrein is zodanig ingericht dat het aansluit bij de voorwaarden die gesteld worden aan een gebied dat onderdeel uitmaakt van de Hoofdgroenstructuur.
Een van de belangrijkste wensen en voorwaarden van de eigenaars is de natuurlijke inrichting van het terrein.
Er is in het ontwerp gestreefd naar zo veel mogelijk variatie en diversiteit.
Er zullen op diverse plekken voorwaarden gecreëerd worden die de kans op aanwezigheid van verschillende inheemse diersoorten vergroot.
Gradiënten en accidentatie in het terrein, dragen bij aan de variatie in de aanwezigheid van dieren en planten.
Het beheer en onderhoud van het groen is er op gericht de fauna zo veel mogelijk kansen te geven o.a. door extensief en gefaseerd maaibeheer.
De bestaande, en reeds genoemde, populierenrand, is een sterk verwaarloosde bomensingel.
Door de populieren te vervangen door een gevarieerde rand met bomen en onderbegroeiing met vooral inheemse soorten en door het omringende water op een aantal plaatsen binnen het terrein te halen, ontstaat meer mogelijkheid voor de natuur. De gelaagdheid van de beplanting in de zoom, is aantrekkelijk voor vogels en veel andere dieren.
In de toepassing en de keuze van de materialen wordt gestreefd naar zo min mogelijk milieubelasting. Ook zullen de materialen, reeds aanwezig op het terrein, zo veel mogelijk worden hergebruikt.
De diverse toegepaste elementen, zullen bij uitvoering zodanig geconstrueerd worden, dat ze voor de natuur een toegevoegde waarde hebben. Een paar voorbeelden:
- De geluidswal van houten stammen. In de loop der tijd zal deze vergaan. Planten en dieren zullen deze ‘ muur’ koloniseren. De afscheiding wordt door de natuur opgenomen en gebruikt.
- De auto’s worden geparkeerd in het ‘parkeerbos’. Als verharding van de parkeerplaats is geen gesloten verharding gebruikt. Binnen de verharding wordt de uitzaai van kruidachtige planten gestimuleerd. De parkeerdruk bepaalt waar planten zich kunnen ontwikkelen en waar niet.
- Het Amfitheater is op een zeer speciale manier gebouwd: een spouwmuur voor vleermuizen, gemetselde kieren en gaten voor de vestiging van grotere en kleinere dieren en de mogelijkheid voor planten om zich te vestigen tussen de voegen, maken van dit theater een waardevol, natuurlijk element.
|